Algemene opmerkingen

Afname- en verzendmateriaal
Een juiste staalafname is een vaak onderschatte maar toch cruciale factor om tot een goed resultaat te komen. Specifieke afname-instructies zijn onderaan deze webpagina beschikbaar.

Identificatie van stalen is noodzakelijk
Staalverwisseling maakt een bloedafname potentieel waardeloos en is bovendien gevaarlijk!

Het is een wettelijke verplichting de stalen ondubbelzinnig te identificeren. De personen die belast zijn met de afname, dienen zich te vergewissen van de overeenstemming tussen de identificatiegegevens van de patiënt en die van het voorschrift. De primaire identificatie moet plaatsvinden in aanwezigheid van de patiënt.

Een conforme identificatieprocedure moet toelaten om een directe link te leggen tussen het aanvraagformulier en de overeenkomstige primaire stalen. Gelieve daarom op de stalen de naam en voornaam van de patiënt en/of uw referentie te vermelden en/of de stalen te voorzien van de door AML aangeleverde unieke blauwe barcodes en deze samen met het ingevulde aanvraagformulier in een daartoe bestemd plastiek zakje te stoppen.

Indien u bij eenzelfde patiënt meerdere afnames op verschillende tijdstippen heeft, gelieve dan datum + uur van afname eveneens op de stalen te vermelden.

Gelieve bij collecties de collectieduur te vermelden.

Aan laboratoria, die lichaamsvochten doorsturen vragen wij de aard van het staal te vermelden op het recipiënt (urine, lumbaalvocht, plasma, serum, …). Indien u niets vermeldt, nemen wij aan dat het de juiste afname voor de gevraagde analyse betreft.

Bewaring
Bloedafnames worden bij voorkeur op kamertemperatuur bewaard, maar mogen meestal ook in een koelbox of in een koelkast bij 2-8°C gestockeerd worden in afwachting van het onderzoek bijvoorbeeld als er ook microbiologie afnames gebeurd zijn bij de patiënt. Voor sommige analyses zoals kalium is afkoeling niet aangewezen. Bij een combinatie van verschillende optimale bewaaromstandigheden doet u de bewaring best in functie van de klinische prioriteit van de aangevraagde testen. Indien u op de praktijk over een centrifuge beschikt kan u het bloed afdraaien zodat er verder meestal geen probleem meer is wat betreft staalbewaring van bloed.

Microbiologie stalen worden bij voorkeur bewaard in een koelbox of in een koelkast bij 2-8°C. Een uitzondering hierop zijn bloedkweken die bij kamertemperatuur bewaard moeten worden en lumbaal vocht culturen die bij 37°C gestockeerd moeten worden in afwachting van het analyseren (of als dat niet mogelijk is bij kamertemperatuur).

Leg de stalen nooit bij een warmtebron (vb. op een radiator of in de zon)!

Diepgevroren stalen worden verzonden in speciale vriescontainers. Vermijd frequent invriezen en ontdooien, dit kan een foutief resultaat als gevolg hebben. Indien u meerdere analyses op hetzelfde ingevroren staal aanvraagt, gelieve dan per analyse een aliquot (fractie) in te vriezen.

Permanente kwaliteitsbewaking
Met het oog op een permanente kwaliteitsbewaking blijven we er de nadruk op leggen dat een belangrijk gedeelte van de kwaliteit van het afgeleverde onderzoek mede bepaald wordt door de pre-analyse, m.a.w. het luik dat zich afspeelt vooraleer er in het laboratorium zelf aan de onderzoeken begonnen kan worden. U en uw patiënt kunnen immers in belangrijke mate bijdragen tot de kwaliteit van het staal. Dit begint bij het nauwgezet volgen van de afname-instructies en het correct bewaren van de stalen vooraleer de bode ze ophaalt.

Zeker in de zomermaanden is het belangrijk dat stalen voor microbiologie (uitgezonderd bloedkweek en lumbaal vocht cultuur) voldoende koel bewaard blijven zodat er geen ongecontroleerde groei van micro-organismen kan ontstaan waarna door overgroei een verkeerd beeld kan ontstaan van de initieel aanwezige bacteriële flora. Om die reden gebruiken de bodes koelboxen. Extreme temperaturen zijn ten allen tijde te vermijden voor álle stalen voor het labo!

Afname-instructies